Kansenongelijkheid in het onderwijs: een blog over bewezen effectieve interventies

Deze week bestaat de Gelijke Kansen Alliantie alweer zes jaar. Tijdens de conferentie die plaatsvond op 31 oktober in Rotterdam, is gesproken over de grote opgave die er ligt. Een goede samenwerking tussen scholen, gemeenten en maatschappelijke partners is van belang. In deze blog ga ik in op interventies die je als school zijnde kunt inzetten in het tegengaan van ongelijke kansen. (geschreven door Christel Ermers)

 Waar je wieg staat

Waar je wieg staat blijkt van invloed te zijn op hoe leerlingen mee kunnen komen op school. Dat kinderen met verschillende achtergronden niet dezelfde kansen hebben binnen het onderwijs is iets wat we allemaal aanvoelen en het wordt dan ook bevestigd in wetenschappelijk onderzoek. Het voelt oneerlijk dat je, als je toevallig in een gezin met hoogopgeleide ouders wordt geboren, het zeer waarschijnlijk is dat je hogere scores haalt. Deels is dat waarschijnlijk erfelijk bepaald. Er zijn echter nog andere factoren die aan die lage scores bijdragen. Voor ouders met een lager opleidingsniveau geldt vaak dat ze ook minder inkomen hebben. Hun kinderen hebben geen toegang tot bijles, boeken, een laptop of eigen kamer om te leren en huiswerk te maken.

Het meest zichtbaar tijdens keuzemomenten

Tijdens de schoolloopbaan zijn er verschillende momenten waarop belangrijke, bepalende keuzes gemaakt worden. De overgang van groep 8 naar de brugklas is zo’n moment. Er zijn kinderen voor wie op dat belangrijke moment niet alle kansen gecreëerd worden die hen optimale ontwikkelingsmogelijkheden biedt. Op basis van het opleidingsniveau van ouders, de wijk waar het kind woont of bijvoorbeeld een migratieachtergrond krijgen kinderen in vergelijking tot kinderen met dezelfde potentie, die uit een ander milieu komen lagere schooladviezen! Maar ook op andere keuzemomenten krijgen ze ongelijke kansen zoals bij determinatie, overgaan of doubleren.

De leraar doet ertoe

Het helpt als je je als leraar blijft afvragen of je aan al je leerlingen hoge verwachtingen stelt en eruit haalt wat ze aan mogelijkheden hebben. Onderwijswetenschapper John Hattie heeft wereldwijd onderzoek verricht en onderbouwt hoe groots het effect van de leraar is. We wisten het natuurlijk al: de leraar doet er toe!

Hoge verwachtingen aan je leerlingen stellen is de interventie die het meest effectief blijkt te zijn!

Kies daarnaast voor de ingrepen die de meeste impact hebben. Stop daar je energie in. Zorg dat je het leren zichtbaar maakt en progressies visualiseert. Als je daarnaast een optimaal leerklimaat weet te scheppen en de kunst verstaat van het geven van feedback, kan iéder kind in je klas zich optimaal ontwikkelen.

Open deur?

Klinken die ingrepen niet als open deuren? Tips die zó voor de hand liggen dat ze te vanzelfsprekend voor woorden zijn? Misschien toch niet helemaal als je je bedenkt dat de verschillen tussen leraren enorm zijn. Er zijn leraren die bij hun leerlingen nog niet de helft van de gemiddelde leerwinst bereiken en er zijn leraren die juist het dubbele van de gemiddelde leerwinst behalen met hun leerlingen, aldus professor van de Grift die bijdroeg aan mondiaal onderzoek over de ontwikkeling in de beroepsvaardigheden van leraren. Waar komen die verschillen in impact toch vandaan, maar vooral ook; wat kun je eraan doen?

Achilleshiel

Uit inspectieonderzoeken blijkt dat ongeveer 65% van de leraren in het primair en voortgezet onderwijs er onvoldoende in slaagt leerlingen optimaal te betrekken bij de les, en het onderwijs goed af te stemmen op de verschillen tussen leerlingen. En dat is nu juist zo belangrijk in de context van deze blog: het verkleinen van de kansenongelijkheid!

Een complex beroep

Leraren hebben een complex vak. Ze moeten van veel markten thuis zijn en de werkdruk ligt hoog. Door het tekort aan leraren staan ook leraren die nog in opleiding zijn zelfstandig voor de klas. Leraren zijn mensen met een hoog verantwoordelijkheidsgevoel en enorme betrokkenheid naar hun leerlingen toe. Vanuit die drijfveren zijn het harde werkers die liefst alle kinderen de aandacht geven die ze nodig hebben. Leraren vragen veel van zichzelf en houden veel bordjes in de lucht waardoor ze zichzelf weleens voorbij lopen. Van der Grift heeft in zijn onderzoek vastgesteld dat het juist slimmer is de bordjes een voor een de lucht in te brengen. En dan ook nog eens in een bepaalde volgorde! De makkelijke bordjes als eerst.

Van eenvoudige naar complexe leerkracht vaardigheden

Van een startende leraar die net van de opleiding komt mag niet verlangd worden dat hij alle vaardigheden beheerst. Houd bij het maken van een groepsindeling dan ook rekening met het verschil in de ervaring en kwaliteiten in het lerarenteam. Hierbij een aantal tips:

  • Koppel de startende leraar niet aan de meest complexe groep.
  • Gun de leraar een omgeving waarin hij succeservaringen kan opdoen en maak voor hem inzichtelijk dat er een opbouw is in complexiteit van vaardigheden.
  • Een startende leraar zal met meer geloof in eigen kunnen voor de klas staat als hij/zij weet dat het gemiddeld genomen zeven jaar duurt voordat je toekomt aan de meest complexe vaardigheden: afstemming op verschillen en aanleren van leerstrategieën.
  • Laat de leraar beginnen met het werken aan een veilig en stimulerend leerklimaat: het gemakkelijkste bordje vormt de basis voor een goede les.

Coaching als waardevolle interventie

Coaching van leraren loont! Als je de zone van naaste ontwikkeling in beeld brengt en de leraar wordt zich bewust van de volgorde waarin leraren zich ontwikkelen, kun je op de juiste vaardigheden smart-doelen gaan formuleren. Met het icalt-instrument heb je goud in handen waar het gaat om coaching van leraren. Icalt staat voor: International Comparative Analysis of Learning and Teaching. Met weinig investering in tijd kun je een groots effect bereiken en de kansenongelijkheid verkleinen. In dit filmpje legt van der Grift de essentie van het instrument uit.

Sleutels tot succes

Als schoolteam kun je daadwerkelijk het verschil maken voor kinderen en de kansenongelijkheid verkleinen. Dat kan op verschillende manieren. Sluit bij het maken van keuzes aan bij je eigen strategisch beleid, waarin je gefundeerde afwegingen maakt op basis van de specifieke omstandigheden op jouw school en de leerling-populatie.

Ik heb in mijn loopbaan een aantal succesvolle trajecten mogen begeleiden op scholen rondom Kansenongelijkheid. Als programmamanager Kansen voor Kinderen in de gemeente ’s-Hertogenbosch houd ik mij momenteel onder andere bezig met het toegankelijk maken van contextrijk educatief aanbod voor álle kinderen in de stad. In het voortgezet onderwijs heb ik een subsidieaanvraag verzorgd voor het verbreden of versterken van heterogene brugklassen, zodat alle kinderen ruimer de kans krijgen zich te ontwikkelen en later te determineren. En in het primair onderwijs heb ik een inductieprogramma voor startende leraren geschreven en geïmplementeerd om hun leerkracht-vaardigheden te vergroten met behulp van het icalt instrument.

Ik denk heel graag met je mee over interventies die passen bij jouw school om in te kunnen spelen op het verkleinen van de kansenongelijkheid. Neem gerust contact met me op!